Selecteer een pagina

Er is recent een wereld conferentie over verloskunde geweest. Prachtig initiatief, waar verloskundigen uit de hele wereld samen komen en hun kennis, ervaring en visie delen. Een conclusie was, dat Nederlandse verloskunde hoog scoort in kennis en kunde, maar er werd ook gevraagd waarom in Nederland het aantal sectio’s (keizersnede) en epiduraal anesthesie  (ruggenprik) zo enorm is gestegen.

Als antwoord wordt de hoge werkdruk van verloskundigen gegeven en het feit dat ze mee doen aan wetenschappelijk onderzoek. Het feit dat de thuisbevalling om diverse (logistieke) redenen bijna is verdwenen en er in ziekenhuizen en kraamklinieken veel meer protocollen, schema’s en regels zijn draagt voor mijn gevoel bij, aan het feit dat veel vrouwen erg vroeg naar hun “beval plaats” gaan. Eenmaal in het ziekenhuis/kraamkliniek wordt je geacht weer op tijd plaats te maken voor de volgende (logistiek!). Daarbij moet je dus voldoen aan de plaatselijke “regels” zoals: 1 cm ontsluiting per uur er bij, anders bijstimuleren of bij 10 cm ontsluiting begint de uitdrijving en het kind moet er danig 1 uur zijn. Het past allemaal in de maakbare maatschappij van deze tijd. Wel opvallend vind ik , is de eindconclusie van de 3 daagse conferentie: “We moeten terug naar de basis!“.

Goede voorlichting, alle voor- en nadelen benoemen en de vrouw de controle teruggeven. Met inachtneming van de noodzaak om wetenschappelijk onderzoek te doen, ligt hier een belangrijke taak voor verloskundigen. Leer weer een fysiologische baring te herkennen en durf “out of the box” te denken. Maak tijd voor de zwangere en barende vrouw, overleg met haar en respecteer haar wens.

Wat gaat de toekomst ons brengen. Gaan we weer terug naar de natuur of wordt bevallen juist een onnatuurlijk product. Net zoals sommige kinderen tegenwoordig denken dat melk uit de fabriek komt en niet van de koe.